Hank Williams’ Ghost

 

“We hurt the ones we love the most

And blame it on Hank Williams’ ghost”
 
 
Ik ben niet gelovig, en evenmin bijgelovig. Ik geloof niet in Hemel of Hel (behalve op aarde), in God of Duivel. Daarom ben ik ook niet geneigd in geesten te geloven, maar ik zie ze wel.
Bij Robert Johnson bijvoorbeeld, de legendarische Delta-bluesman uit de jaren dertig. Hij liet maar een klein oeuvre van zo’n 30 songs na, maar die songs beheersen nog steeds de blues. Eric Clapton speelt ze al zijn hele leven, en wijdde er in 2004 nog een hele CD aan (Me And Mr. Johnson). Rory Block deed onlangs hetzelfde (The Lady And Mr. Johnson).
Volgens de mythe verkocht Johnson voor zijn muziek zijn ziel aan de Duivel. Songs als ‘Crossroads Blues’ en ‘Hellhound On My Trail’ verwijzen naar zo’n sinister pact. Johnson speelt ze als een bezetene, en er waart nog steeds een duistere geest door die liedjes, zelfs in andermans uitvoering. Met Johnson liep het slecht af: hij werd in 1938 vermoord door een jaloerse echtgenoot, nadat hij in een dronken bui met zijn vrouw had geflirt.
Weinig beter verging het een andere muzieklegende, de aartsvader van de “honky tonk” country, Hank Williams. Hank, die eigenlijk Hiram heette, was een arme sloeber uit Montgomery (Alabama), die in de jaren veertig na veel geploeter naar Nashville trok, en daar succes vond met zijn optredens in de Grand Ole Opry. Hij schreef zo’n 125 liedjes, die nog steeds de country beheersen. Zo bevatten recente platen van Van Morrison en The Little Willies covers van zijn liedjes; in 2001 vertolkte een keur aan topartiesten hun versie van Hank’s songs op het fraaie Timeless.
Ook met Williams loopt het slecht af. Drank en drugs slopen zijn lijf, waardoor hij er steeds meer als een geest gaat uitzien. Hij wordt uit de Opry gegooid. Zijn huwelijk loopt op de klippen, en hij trouwt een meisje van 19 jaar. Zij laat hem nog wel optreden, maar alleen in derderangs tenten. Zijn dood is al even legendarisch: Williams sterft op Nieuwjaarsdag 1953 op de achterbank van een Cadillac, op weg naar een optreden, aan een fatale combinatie van whisky en peppillen. Kennelijk voorzag hij zijn einde, want vlak ervoor schreef hij het ironische ‘I’ll Never Get Out Of This World Alive’.
De geest van Hank Williams waart nog steeds door zijn liedjes. Een geest van ongeluk en verderf, bijvoorbeeld in Loudon Wainwright III’s verhaal over zijn bezoek aan Hank’s graf in Montgomery. Precies op die dag overlijdt de in de VS bekende tv-presentator Fred Rogers, en Loudon omschrijft een atmosfeer van dood, drank en muziek.
Hank’s geest duikt ook op in twee liedjes van Fred Eaglesmith. In ‘Alcohol And Pills’ (Lipstick, Lies & Gasoline, 1997), dat vijf popberoemdheden opsomt, die alle in het verderf storten door de verleidingen van drank en drugs. En in ‘Mrs. Hank Williams’, dat verhaalt van de pijn en jaloezie die Hank’s vrouw voelt op de achterbank van diezelfde Cadillac, als haar man op het podium wordt toegejuicht door talloze vrouwelijke fans, die allemaal klaarstaan om haar plaats in te nemen.
David Allen Coe laat Hank’s geest zijn ‘Your Cheatin’ Heart’ zingen, waarin Williams openhartig vertelt over de slechte afloop van zijn scheiding. Die geest is nu zó gemeengoed geworden, dat hij de schuld krijgt van onze ergste missers, zoals Darrell Scott bezingt op de openingstrack van zijn laatste plaat.
Ik ben, zoals gezegd, niet bijgelovig, maar toch voel ik de geesten van Robert Johnson en Hank Williams rondspoken in elk van hun liedjes. En er is nog iets geks. Sinds mijn vaders dood, een jaar geleden, heb ik steeds vaker het gevoel dat hij me, net als vroeger, in de gaten houdt, en waar nodig op de vingers tikt (“Zet die muziek zachter”. “Houd op met dat gepingel op die gitaar, en ga aan je werk”). Maar dat kan niet, want ik geloof niet in geesten.
 
Johan Doove
 
Inspiratie:
● Hank Williams’ Ghost – Darrell Scott (‘The Invisible Man’, 2006)
● Mrs. Hank Williams – Fred Eaglesmith (‘Milly’s Café’, 2006)
● Hank and Fred – Loudon Wainwright III (‘Here Come The Choppers’, 2005)
● The Ghost of Hank Williams – David Allen Coe (‘Live, If That Ain’t Country’)
 
Author: 
Johan Doove