O’Hooley & Tidow: The Fragile

 
 

Twee jaar geleden debuteerden Belinda O’Hooley en Heidi Tidow met het album Silent June. Een enigszins donker getint folkalbum, waarop zowel de bijzonder fraai uitgewerkte piano- als de zangpartijen om voorrrang streden. Onlangs zag opvolger The Fragile het licht waarop niet slechts piano, zang en accordeon op de voorgrond staan, maar nu vergezeld worden van prachtige strijkersarrangementen.

Belinda O’Hooley debuteerde in 2005 met het piano gedreven folk-jazz album Music Is My Silence en maakte deel uit van Rachel Unthank and the Winterset. Verder speelde zij samen met o.a. Nic Jones en Jackie Oates. In 2009 ontmoette zij Heidi Tidow. Beide uit Yorkshire afkomstige dames laten zich inspireren door o.a. Ierse traditionele muziek. Beiden zijn voorvechters van gelijke rechten voor homo’s en lesbiënnes en brengen hun albums zelfbewust uit via het coöperatieve No Masters label.Vorig jaar stuwden O’Hooley en Tidow met hun bijdragen het debuutalbum Adelphi Has To Fly van Lucy Ward naar grotere hoogtes.
Op The Fragile kiezen O’Hooley en Tidow voor kwetsbaarheid en ontroering als aangrijpingspunt voor hun emotionele liedjes steevast gebracht in kristalhelder harmoniërende zanglijnen. De verpakking van het album is bijzonder fraai vormgegeven waarbij het fraaie en naïeve artwork vertedering oproept. De hoesillustratie combineert beider fascinatie voor vogels (roodborstjes!) met de beeltenis van Heidi’s Duitse grootmoeder. Ouderen, leeftijd en verlies, het zal vaker als thema opduiken.
O’Hooley en Tidow leveren met opener The Tallest Tree meteen hun visitekaartje af. Rollende percussie, stuwende piano en strijkers welke melodieuze kleur op de wangen aanbrengen.
Beiden spelen op The Fragile met genoegen met verschillende rollen. Zo voert men Gentleman Jack op, een grootgrondbezitster in de 18e eeuw. Uitdagend en wellustig wordt verhaald van deze Gentleman Jack of Jack the Lass. Zij hield gedetailleerde lijsten bij van haar seksuele veroveringen in code opgeschreven. Uiteraard werd de code later verbroken. Dit tot groot verdriet van echtgenoten vele kilometers in de omtrek...
Dat O’Hooley en Tidow zonder problemen op hun vocalen kunnen vertrouwen laat het a-cappella en eenstemmig gezongen Teardrop (Massive Attack) horen. Ter inspiratie diende Elizabeth Frazer’s (Cocteau Twins) versie.
Piano, zang en de accordeon van Andy Cutting dragen het ingetogen Calling Me alvorens beiden overgaan tot één van de sleutelstukken Mein Deern. Het handelt over de laatste uren van Heidi’s grootmoeder en kent als hommage aan haar enige Duitse tekstregels. "Ze had de ambitie om een performer te zijn en speelde accordeon. In de oorlog was zij verpleegster en eindigde uiteindelijk als moeder van een gezin”.
In het tweede steutelstuk Ronnies Song breken O’Hooley en Tidow een lans voor de acceptatie van homo’s en lesbiënnes. Beiden hebben jammer genoeg onfortuinlijke ervaringen opgedaan waarbij zij helaas ook met fysiek geweld te maken kregen. De bezongen Ronnie wordt in het theater liefdevol onder de vleugels genomen door een aanwezige actrice. Het Diversity Choir luidt Ronnies Song uit met het credo: “A person is a person. It makes no odds to me”.
Een ode aan de geliefde kat in Madgie In The Summerlands sluit het album af. Vriendin en collega Jackie Oates neemt het voortouw in de vocalen. Fluitende vogels klinken, Madgie is in de kattenhemel ook wel The Summerlands genoemd.
The Fragile, een bijzonder fraai en harmonisch album vol verleidelijke arrangementen en roerende stemmen. 
Hans Jansen
O’Hooley & Tidow
The Fragile