Leon Russell: Carney

 
 

Gedreven artiesten laten hun ideeën de vrije loop en smeden hun zielsroerselen om tot een tastbare luisterrijke vorm. Zij hebben de gave hun gevoelens te laten spreken waarmee luisteraars zich kunnen identificeren. Voor sommigen zal dit zijn het uitwerken van een leidmotief. Wellicht resulteert dit tot een briljante plaat, eentje die zich onderscheidt vanwege zijn unieke invalshoek of melodieuze lijn. Anderen pakken de tijdgeest en haken in op het juiste moment. Zij verwoorden iets universeels of iets controversieels. Weer andere bouwen hun creativiteit uit door hard te werken, vastbijten en doorzetten. Uiteraard zijn er ook die hun muziek terloops uit de mouw schudden, tijdens een creatief hoogtepunt. Meestal ligt er toch een uitdaging aan ten grondslag. (Dit kunnen onverwerkte gevoelens zijn, een onrechtvaardigheid, een muze, etc. de thema’s zijn in principe onuitputtelijk.) Daarnaast moet een artiest bijna noodzakelijk groeien wil hij niet vervallen in een herhalingsoefening. Anderzijds zijn er kunstenaars die hun uitingsvorm steeds strakker aanscherpen. De hoofdlijn blijft intact, maar de variaties zorgen voor een boeiend continue proces. (Desnoods met pieken en dalen) En weer andere grijpen terug op de barre basis, en voegen daar hun ding aan toe als bij een chemisch proces. Een boeiend en avontuurlijk geheel die voor verdere inspiratie zorgt.

 
Er zijn tenslotte ook artiesten waarbij de creatieve vulkaan is uitgeraasd. Zij krijgen niet meer de gewenste impulsen, en hun werk zakt in op geestdrift. Van Elton John (Your Song) en Leon Russell (Song for You) staat een nieuw album te verwachten (The Union), maar kun je – ondanks hun achterliggend werk – daar serieus nog iets van verwachten? Russell’s best werk komt uit het begin van de zeventiger jaren. Hij schreef fantastische nummers, en was behoorlijk succesvol. Op een lichte opleving na (Will O’ the Wisp) leek de gedrevenheid van deze dynamische persoonlijkheid tot een stilstand gekomen. Hij maakt nog steeds platen, echter de allure van die beginperiode is jammerlijk genoeg voorbij.
 
Zijn mooiste plaat was wat mij betreft Carney. Niet alleen de nummers spraken mij zeer aan, maar ook het album als geheel vond ik zeer tot zijn rechtkomen. De beeldspraak in Tight Rope sprak mij zeer aan, alsof je leven balanceren op een koord is. Hetzelfde thema komt min of meer terug in This Masquerade. Er is al genoeg flauwekul om ons heen, de weemoed druipt van dit nummer nog voordat Leon “this lonely game we play” bezingt. Het zeer beeldende Manhattan Island Serenade waarbij autobanden over een nat wegdek het nummer openen. Denkbeeldig zag ik Leon Russell staan met zijn caravan. Muziek die een fase uit Russell’s leven verslaat neem ik aan. Zijn LP, ik was ervan overtuigd dat ik hem nog had, kon ik helaas niet meer vinden. Zijn CD gelukkig wel, want de gedachte dat ik deze plaat zou moeten missen is haast ondraaglijk. Samen met Leon’s debuut en Shelter People is ook Carney een paar jaar geleden verschenen in een mooie Japanse mini lp cd uitvoering. Shelter People bezit een aantal nummers, maar ik miste de ingetogenheid waarmee een plaat als Carney scoort. Leon Russell is eenzame klasse, eentje waar ik nog steeds liefdevol naar luister.
Replay
Rein van den Berg
Leon Russell
Carney