Jill Andrews: The Mirror

 
 

Deze luisteraar is constant op zoek naar dwingende muziek. Waarlijk grote artiesten weten de luisteraar in een isolement te dringen waarna de artiest in kwestie maximale aandacht voor zijn werk weet af te dwingen. Jill Andrews wist dit in het recente verleden meermaals te realiseren.

 
Voorheen maakte Andrews deel uit van The Everybodyfields waarbinnen zij samen met Sam Quinn de scepter zwaaide. Haar prachtig heldere en troostende stem maakte diepe indruk in combinatie met de hartverscheurende samenzang met Quinn. Eerlijk gezegd had ik ruim voldoende aan de helft van het werk van The Everybodyfields: het aandeel van Quinn kon mij maar matig boeien.
 
In 2009 leek Andrews definitief haar stem als solo artiest gevonden te hebben met haar naamloze debuut e.p. vol met kleinschalige donkere, stemmige maar ook opbeurende country-folk. Inmiddels heeft Jill haar debuutalbum The Mirrorhet licht laten zien. Ze hoopt hierbij de luisteraar deelgenoot te maken van haar tocht van donkerte naar juist het licht in een periode waarin ze afscheid nam van een getroubleerde relatie. Kies je ervoor om in de schaduw te blijven of om in het licht te stappen?
 
Nu Andrews een nieuwe geliefde gevonden heeft en ook moeder geworden is lijkt er veel om dankbaar voor te zijn en dit hier te vieren. Andrews wil het spel van licht en donker met raffinement spelen. Herhaaldelijke beluistering van het album leert dat Andrews hierin slechts gedeeltelijk slaagt.
 
Opener Sound Of The Bells zet meteen de toon, het ritme tikt net iets te gemakkelijk weg. De gitaarlijn kiest eenzelfde weg en de koortjes blijken vooral uit gemakzuchtige echo’s te bestaan in plaats van gloedvolle samenzang. Iets dergelijks vindt in het kwadraat plaats binnen Blue Sky en titelnummer The Mirror. Muzikale diepgang wordt hier vergeefs gezocht. AfsluiterYou lijkt aanvankelijk een fraaie opbouw te kennen met zijn fraai tikkende piano maar gaat uiteindelijk ten onder aan een volledig misplaatste gitaarsolo precies op maat gesneden voor de grote rock-arena’s. Jammer, heel jammer hoe een groot talent als Andrews hier met de voet volop het gas genadeloos uit de bocht vliegt.
 
Deugt er dan helemaal niets aan The Mirror? Laat ik zeggen dat dit als debuutalbum vermomde e.p. zeer genietbaar is.Wake Up Nico laat een piano gedreven gloedvolle song horen waarbij ik de Enya connaties liefdevol over het hoofd zie. Wanneer Andrews daadwerkelijk gas terugneemt blijkt ze toch echt op haar best te zijn als in Sinking Ship en Blue Eyeswaarin een akoestische gitaar de boventoon voert en waarin Andrews een beroep doet op haar niet geringe vocale kunnen.Cut And Run en A Litte Less laten een terugkeer naar het beste van The Everybodyfields horen: krachtig, meeslepend en emotioneel werk.
 
Luchthartig en aanstekelijk. Het kan allemaal in Another Man. Een vrolijke melodie, speelse piano en dito koortjes. Andrews was op zoek naar een dergelijke spanning: donkere teksten op vrolijke muziek. Ze zag hierbij de valkuil op het midden van de weg jammerlijk over het hoofd. Het leven in de greppel boeit doorgaans meer dan juist aldaar.
Hans Jansen
Jill Andrews
The Mirror