The Holmes Brothers: Feed My Soul

 
 

Ergens medio jaren ’90 heb ik in Maastricht in “D’n Auwe Stiene”, een tot concertzaal omgebouwde kerk, een optreden van The Holmes Brothers bijgewoond. De voormalige kerk bood plaats aan minstens 500 betalende bezoekers maar die avond stond ik, voorafgaande aan het optreden, met 25 (!) andere betalende bezoekers te kijken naar een balkon waar de heren zaten en hun lichaamstaal verraadde, geheel terecht overigens, diepe teleurstelling.

25 bezoekers in een grote lege kerk… Vervolgens daalden de heren af naar het podium en gaven ze een optreden dat ik als één van de allerbeste beschouw waar ik ooit getuige van ben geweest. Het deed mij die avond twee dingen beseffen: 1. De zoveelste bevestiging dat Maastricht (zeker in die tijd) als cultuurstad geen ene ruk voorstelt en dat de “gemiddelde Maastrichtenaar” graag met een glas bier in de hand luistert naar Carnavalesk gejodel of liever een optreden van Rieu bijwoont met diens oubollige muziek en nog ergere humor; 2. Dat Onze Lieve Heer heeft niet alleen zijn zoon maar ook zijn eigen huisband naar deze Aardkloot heeft gestuurd en dat deze drie heren tezamen hemeltergend mooie muziek kunnen maken, The Holmes Brothers: een band die ik vanaf hun debuut “In the Spirit” uit 1990 heb gevolgd en ik ben daar niet meer mee gestopt.

“Feed My Soul” is hun tiende cd en twintig jaar na “In the Sprit” stel ik tevreden vast dat ik nog iedere keer met veel verwachtingen uitkijk naar een nieuwe release van de broers en Popsy Dixon. Nu is “Feed My Soul” bij voorbaat al een bijzondere plaat. Waarom dan wel? Bij de belangrijkste songschrijver, meest prominente zanger en HET gezicht van de band Wendell Holmes is in 2008 kanker gediagnosticeerd. Dat dit zijn weerslag zou kunnen hebben op zijn voornaamste uitlaatklep (de muziek) was en is voor de hand liggend. Tekstueel wordt echter maar zelden direct gerefereerd naar die moeilijke periode in Wendell’s leven.

Alleen in “Fair Weather Friend” laat hij de luisteraar deelgenoot worden van die donkere periode en dan met name over het gebrek aan steun en vriendschap van een bepaald iemand gedurende zijn ziekte. “The Doctor he said “Cancer”, I stopped in my tracks / I did not have the answer, but I knew you’d have my back / After all we’ve been trough, the bitter and the sweet / If you robbed a bank, for you I’d take the heat.” De bitterheid over die vriendschap, die geen vriendschap blijkt te zijn is pijnlijk voelbaar. Hier zingt iemand die immens teleurgesteld is in een ander, een voormalige dierbare vriend. Juist het feit dat die ander hem zo aan het hart ligt maakt het nog schrijnender: “I always tried to give you the benefit of the doubt / There’s just one thing that I could not figure out / I sat by the phone, the phone never rang / When I was at the end of the rope, you left me there to hang...” Ook het openingsnummer “Dark Cloud” laat een sombere kijk op de wereld zien. Op dit funky nummer, geschreven en gezongen door bassist Sherman Holmes, voert pessimisme de boventoon. “There is a dark cloud over our land...”.

Het optimisme na Obama’s presidentsverkiezing is ver te zoeken. Toch is “Feed my Soul” geen donkere en/of sombere plaat geworden. Integendeel zelfs. Natuurlijk, de tekst van “Dark Cloud” doet anders denken maar het spelplezier en de levensvreugde is duidelijk hoorbaar in het gros van de nummers. Het heerlijke “Something is missing”, dat in eerste instantie wordt gezongen door Sherman Holmes en daarna weergaloos wordt overgenomen door drummer Popsy Dixon (let op de wijze waarop hij die brug zingt…), is daarvan een sprankelend voorbeeld.

De cd kent voor mij vele mooie momenten waaronder het door Wendell Holmes gevoelig gezongen titelnummer, het jazzy “I believe you I think” en het door Johnny Ace bekend geworden “Pledging my Love”. Zelfs de Lennon/McCartney cover “I’ll be back” overtuigt. Het klinkt op het eerste gehoor lichtvoetig en luchtig klinkt maar de wijze waarop Popsy Dixon dit nummer volledig naar zich toetrekt getuigt van uitzonderlijke klasse. Als ik al een minpuntje mag aandragen dan is het wel dat die weergaloze falset van Dixon maar in drie nummers op de cd centraal staat en dat had voor mij iets meer gemogen. In de gospel “Take me Away” (de afsluiter) laat hij nog maar eens horen waar dat toe kan leiden.

De cd is wederom voorbeeldig geproduceerd door Joan Osborne. Zij voelt deze band perfect aan en stelt zich als achtergrondzangeres bescheiden op. Prominent aanwezig is wel Glenn Patscha van de band Ollabelle op Hammond B3/Wurlitzer piano/piano. Vormde in het begin van de jaren ‘90 het lapsteel spel van Gib Wharton de zeer fraaie aanvulling op de muziek van The Holmes Brothers, nu vervult Patscha deze rol met verve. In twintig jaar hebben de heren tien cd’s uitgebracht en er zit geen enkele zwakke broeder tussen. Twintig jaar vol met zinderende soul, gospel, blues en country. De heren raken stilaan op leeftijd en zo heel erg veel releases zullen er niet meer volgen en daarom koester ik deze prachtige nieuwe cd. Persoonlijk vind ik dat als je iets nooit van The Holmes Brothers hebt beluisterd dat je dan iets mist in je leven. Dat meen ik echt. Tuurlijk, smaken verschillen maar muziek zo authentiek en puur als die Van The Holmes Brothers kom je gewoon niet veel tegen. Maar ja, leg dat maar eens uit aan de “gemiddelde Maastrichtenaar”…

Ed Muitjens
The Holmes Brothers
Feed My Soul