Bert Jansch

L.A Turnaround/When the Circus Comes to Town/Black Swan

Bert Jansch is niet meer. De Schot overleed in 2011 op 67 jarige leeftijd na een jarenlange strijd tegen kanker. Hij liet een indrukwekkende discografie achter die, naast wisselvalligheid, toch ook tot een aantal albums heeft geleidt dat wat mij betreft tot het beste binnen de Britse Folk gerekend mag worden. Jansch was een meer dan uitstekend gitarist en had een eigen karakteristiek stemgeluid. 

Dat hij tot de grote namen binnen de Folk geldt mag duidelijk worden uit het feit dat hij naast een solo carriere tevens oprichter was van folk-prog band Pentangle, waarin hij met collega meestergitarist John Renbourn en bassist Danny Thompson speelde,  van zeer grote invloed was op o.a Paul Simon, Bob Dylan, Jimmy Page, Nick Drake en Neil Young. Jansch werd in het begin van zijn carriere ook wel de Britse Bob Dylan genoemd.

 

Zijn debuut kwam in 1965 uit en bevat o.a een van zijn bekendste nummers Needle Of Death. Het album beïnvloedde vele muzikanten in de folk wereld en daarbuiten. Tot 1973 verschenen een aantal albums van zijn hand, waarvan Rosemary Lane uit 1971 zeker ook het benoemen waard is, en richtte hij het eerder genoemde Pentangle op. In 1974 komt het deels in Parijs en deels in Amerika opgenomen L.A Turnaround uit. Het album staat bol van de door de Californische scène beïnvloedde folk en bezit naast een warme productie van Monkees gitarist 

Michael Nesmith, een luchtigheid die echter bedrieglijk is. L.A Turnaround laat het beste horen van wat Jansch in huis heeft. Opener Fresh As A Sweet Sunday Morning klinkt precies als de titel aangeeft; fris en zoet en heeft een zalig aanstekelijke melodie. Verder gevuld met instrumentale songs als Chambertin en Lady Nothing die de gitarist Jansch volop in de schijnwerper zet, het gerecyclede Needle Of Death, traditional Chuck Old Hen en andere klapstukken Open Up The Watergate(Let The Sunshine In), Of love and Lullaby en There Comes A Time.

 

 

Opvolger Santa Barbara Honeymoon bevat qua composities vrijwel hetzelfde niveau maar heeft te lijden onder de mindere  productie en allerlei toegevoegde en overbodige tierlantijnen. Uit het middendeel van Jansch’s  rijke carriere springt When The Circus Comes To Town er met kop en schouders bovenuit en is misschien überhaupt wel zijn beste album te noemen. De plaat komt, voorzien van een prachtige hoes, uit in 1995 en laat een weemoedige Jansch horen die hiermee welhaast de perfecte soundtrack voor de herfst gemaakt heeft. Zijn beperkte stem en fraaie gitaarspel zijn op dit album op wonderschone, haast breekbare manier vastgelegd en zijn ondanks de fraai complementerende begeleiding van o.a Maggie Boyle, Christine Collister, Colin Gibson en Tony Hinnigen duidelijk voorin de mix gezet. Dat levert een audio ervaring op waarbij je constant het gevoel krijgt dat Jansch bij je in de kamer zit te musiceren en speciaal voor jou zijn voordracht houdt. Dat maakt When The Circus Comes To Town tot een klein gehouden en intiem meesterwerk. Al na de eerste drie nummers Walk Quietly By, Open Road en Back Home weet je dat Bert Jansch hier op de absolute toppen van zijn kunnen bezig is. Het gehele album blijft hij dat niveau evenaren en laat hij je achter met de wens dat het altijd herfst mag blijven. Jansch’ basis is altijd de folk geweest maar heeft inmiddels ook invloeden vanuit de Amerikaanse blues, country en jazz ingevoegd en meer inheemse klanken uit de Indiaanse en Noord Afrikaanse cultuur gevonden. Niet overduidelijk uit de uitvoering of compositie te halen maar helemaal versmolten met de duidelijke folk en blues van waaruit Jansch werkt. Dat gegeven maakt dat speciaal op dit album  alles lijkt samen te komen en de creatieve input van de voorbije dertig jaar er in een keer en in volle overtuiging uitkomt. Van begin tot eind een album die blijft boeien,  je kunt blijven draaien en ondanks de kleine setting steeds nieuwe dingen laat horen. Dat zijn de albums die uitgroeien tot meesterwerken, eilandplaten genoemd kunnen worden en de tand des tijds zullen blijven doorstaan. When the Circus … is zo’n album.

 

 

Zo’n tien jaar later ondergaat Jansch een ingrijpende hartoperatie, blijkt regelmatig ziek te zijn en loopt daarna ook nog die alles vernietigende ziekte op die wij ook wel kanker noemen.  Op het 2006 uitgekomen Black Swan(wat jaren later zijn zwanenzang zal blijken) is de weerslag van die jaren duidelijk voelbaar, leesbaar en hoorbaar. Zijn stem klinkt fragiel, de teksten echoen het nadenken over de dood, ziekte en verlies. Er word de nadruk gelegd focus te hebben op de belangrijke zaken van het leven zoals familie en de mooie,positieve kanten van het leven. Zijn gitaarspel en de gekozen melodieën zijn op dit album  dusdanig melancholiek en sterk dat je niet anders dan kunt meevoelen en meeleven met de zaken die Jansch in die jaren bezig houden. Bijgestaan door o.a Beth Orton, Devendra Banhart, Helena Espvall en zoon Adam weet Jansch zich expressief zingend en spelend door de eigen en traditionele songs te werken. Hij laat na een carriere van veertig jaar nog een keer horen waarom hij tot de top van folk scène gerekend mag worden. Uitmuntende gitaarlijnen, melancholieke stem, introspectieve teksten; Dat is het recept op Black Swan. Door het persoonlijke karakter en dat Jansch vocaal o.a afgewisseld word door de door mij zeer gewaardeerde Beth Orton, maakt dat het album voor mij vaak nog net een streepje voor heeft op When The Circus Comes To Town.

 

 

 

Prijsnummers op dit album zijn naast opener en titelnummer Black Swan het voortreffelijke High Days, het door Orton gezongen When The Sun Comes Up en A Woman Like You. Enige smet op het verder voortreffelijke album is de allesoverheersende fluit die op Magdalina’s Dance te horen is en het nummer, dat als compositie erg mooi is, danig vergalt. Naast dat gegeven ligt het niveau van de composities en de uitvoering erg hoog en ontlopen de nummers elkaar in kwaliteit, uitvoering en gevoel eigenlijk niet.

 

Bert Jansch overleed op 5 oktober 2011 ruim een maand voor zijn 68e verjaardag en ligt begraven op Highgate Cemetary in Noord-Londen. De mens Jansch is niet meer, is verworden tot as. Zijn muziek leeft nog steeds en zal dat als belangrijke invloed binnen de Britse folk, de komende decennia vast nog blijven. Met L.A Turnaround, When The Circus Comes To Town en Black Swan haal je drie onvervalste klassiekers in huis die voor liefhebbers van Britse folk eigenlijk onmisbaar zijn.

Arjan Post